Na jarenlange afwezigheid keert Constance terug naar haar geboortestad Den Haag. Dertien jaar eerder bedroog ze haar echtgenoot met Van der Welcke. Ze trouwde met hem uit eerbesef en kreeg een kind van hem. Ondanks de liefde voor haar familie, raakt Constance het stempel van overspelige vrouw die de familie te schande heeft gemaakt niet kwijt. De sociale controle, de afgunst en de roddels van een welgestelde Haagse familie botsen met een vrouw die vecht voor levensgeluk en de toekomst van haar kind.